Kroketten

We aten kroketten.

Dat doen we niet zo vaak, kroketten eten. ‘k Weet niet goed wat ik ervan moet vinden. Ze zijn niet wat ze lijken te zijn, die kroketten. Hard, zo op het eerste gezicht. Knapperig. Stevig. Maar, nondeju, vanbinnen zijn ze zacht. Papperig. Puree. Jak.

Kortom, ze zijn gewoonweg niet te betrouwen, die kroketten. Ze doen zich beter voor dan ze zijn. Scheppen valse verwachtingen. Zijn het patattenequivalent van een scheefpoepende partner. Non, merci.

Weinig kroketten op ons bord, dus.

Vandaag was een uitzondering.

Ik had ze niet zelf gekocht. Niet zelf gebakken. Zij had ze wel zelf gekozen. Van het buffet. Maak van iets een taboe en het krijgt nog meer aantrekkingskracht.

Zij kroketten, dus. Wij betrouwbaarder voedsel. Nu ja, dat weten we ook al niet helemaal zeker. Maar cadmium of sulfieten proef je minder dan de puree in de kroket.

Anyway. Zitten we rustig te eten – de baby in een foodcoma na een volle papfles – wordt er links van mij plots gesnikt. Ze huilt, tranen en snot mengen zich met de krokettenkorst.

Ze mist Blackie. De kat. Die vijf jaar geleden stierf en die ze eigenlijk nooit echt gekend heeft. Blackie komt boven wanneer de dag indruk maakte. Wanneer er (te) veel input geweest is. Veel plezier gemaakt. En dan, aan het einde van zo’n dag, wanneer alles stil valt, durft hij wel vaker komen kijken.

Ze huilt. Omdat Blackie zo ver weg is. Ver van ons. En helemaal alleen. In de hemel.

Ik troost. Zoek woorden om haar kinderverdriet weg te nemen. Haar te sussen. En ga mee in het verhaal. Day van de kattenhemel. En die dat ver weg is, ja. Dat we daar niet naartoe kunnen, nee. Dat Blackie nu gelukkig is. Omdat hij daar geen pijn meer heeft. En misschien wel kindjes maakte met een van de witte katten uit mijn kindertijd. Daarboven.

Ik vind het moeilijk. Om haar zoiets te vertellen. Terwijl ik het verhaal zelf niet pik. Maar haar hoop doorprikken. Haar roze droom voor Blackie. Haar rust. Ik kan het niet.

Ik wil het niet.

Ze zal het zelf wel uitzoeken. Wanneer ze ouder is.

Voorlopig zit Blackie nog naast De Sint op de gouden troon. En eten ze samen rijstpap, met gouden lepels.

Of kroketten, God forbid.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s